Haaksteek: gedraaid half stokje

By: Lisa Kievits

|

Date:

Met deze unieke haaksteek kun je vele toffe items haken! Het is een perfecte steek voor dekens, onderzetters, placemats en nog veel meer. Het is een combinatie van verschillende haaktechnieken en het halve stokje. Met deze haaksteek tutorial leer je snel hoe je deze steek moet haken.


Dit zijn de geschreven instructies bij de video tutorial van de haaksteek. Onderin deze blog kun je de video bekijken, of klik hier om naar de tutorial te gaan


afkortingen volledig uitgeschreven
l losse
hv halve vaste
hst half stokje


Begin


Losseketting:  maak een opzetlus en haak een aantal lossen naar wens + 2.
De +2 zijn de keerlossen voor deze steek, als je een toer met hv gebruikt, zoals hieronder beschreven, haakt dan + 1 in plaats van + 2. 
Tip: haak de losseketting met 1 a 2 haaknaalden groter, zodat het haakwerk niet krom gaat trekken.

Halve vaste stokje

Halve vasten toer: deze toer is optioneel. Als je zonder deze toer wilt werken, ga dan meteen door naar de haaksteek.
Haak 1 hv in de 2e losse vanaf de haaknaald. Haak 1 hv in iedere losse.
Tip: haak deze toer met een haaknaald groter zodat het niet te strak wordt.

Haaksteek patroon


Toer 1:  als je een halve vasten toer hebt gebruikt, haak dan 2 lossen en keer om. Als je meteen met de haaksteek begint, haak dan in de 3e losse vanaf de haaknaald. Haak 1 hst in iedere steek.


Toer 2:  haak 2 keerlossen en keer om. 1 hst in 1e steek. Haak dan in iedere steek het gedraaide halve stokje:

  1. Omslaan, insteken in volgende, omslaan en doorhalen (3 lussen op naald),
  2. Ga terug naar vorige steek, insteken, omslaan en doorhalen (4 lussen op naald),
  3. Omslaan en door alle lussen.

Tip: houd je vinger op de lussen zodat deze niet van de naald glippen. Zorg ook dat je niet te strak haakt. 
Herhaal de steek tot er nog 1 steek over is. Eindig met 1 hst in de laatste steek.


Herhaal toer 1 en 2 tot je de gewenste hoogte hebt bereikt.  Je blijft altijd een gelijk aantal steken houden. Tel regelmatig je steken om te controleren.

Tips voor nette randen


Een nette onderrand: om te zorgen dat de onderste rand er strak en netjes uit ziet, kun je in de 3e lussen van de losse insteken. Deze lus ligt aan de achterkant van de losse. Kijk ook deze video voor de tutorial. Je kunt het opvolgen met 1 toer halve vasten, zoals eerder in deze blog ook beschreven staat. Neem een haaknaald groter voor deze extra toer, zodat het niet te strak wordt.


Nette zijkanten: om te zorgen dat je haakwerk netjes recht loopt aan de zijkanten, kun je insteken in de keerlosse in plaats van de laatste steek. Dat betekent dat als je aan bent gekomen bij de aller laatste steek van de toer, dat je deze haakt in de bovenste keerlosse. In het geval van 3 keerlossen zou dat betekenen dat je dus in de 3e keerlosse insteekt. Je slaat dus de laatste steek over en steekt in plaats daarvan in de keerlosse. Let goed op dat je niet per ongelijk meerdert: tel altijd even je steken aan het einde van de toer.


Nette bovenrand: ook de bovenrand kun je netjes afwerken. Haak 1 toer met halve vasten nadat je klaar bent met je haakwerk. Neem een haaknaald groter om te voorkomen dat deze toer te strak wordt. Je kunt zelf kijken wat je het mooist vindt: wil je de halve vasten in alléén de voorste lussen haken? Of alléén de achterste lussen, of door beide lussen (zoals normaal)? Iedere methode geeft een ander resultaat, daarom raad ik je aan er lekker mee te experimenteren!

Ik doe mijn best om de correcte namen van de haaksteken te vinden, maar dit is soms een hele uitdaging. Daarom moet ik soms zelf een naam bedenken, omdat niet alle steken die ik gebruik al bestaan. Mocht ik het toch een keer mis hebben, laat het me dan gerust weten. 🙂

Kies jouw volgende haakproject!

Wat ga jij haken? Kies een van de unieke designs van LKCreativeness om je huis prachtig mee te decoreren!